Je kind is een beelddenker, maar hoe zit het dan met jou?

Iedereen begint als beelddenker. Vanaf een jaar of 4 als de geschreven taal zijn intrede doet, laten de kinderen een verschil in voorkeur zien en wordt er een scheiding duidelijk tussen de taaldenker en de beelddenker. Vroeger was dit een klein percentage (5%) en was er geen aandacht voor.  Nu is daar gelukkig meer kennis over en wordt er wel steeds meer mee gedaan. Er zijn op internet nu talloze tests te vinden en er zijn steeds meer praktijken waar rekening gehouden wordt met dit verschil in leerstijl en het verschil in de talenten. Maar wat betekent dat dan allemaal? 


Wetenschappelijk aangetoond

Ik krijg kinderen in mijn praktijk waarvan de ouders het sterke vermoeden hebben dat ze beelddenker zijn. Wat ze niet weten is dat dit betekent dat  één van de of allebei de ouders ook beelddenker zijn.  In het wetenschappelijke onderzoek van 2010 `Rise and Decline of Verbal and Visuospatial Memory.` is naar voren gekomen dat mensen wel degelijk vanaf hun vierde jaar een voorkeur laten zien voor een visueel-ruimtelijke leerstijl ( het beelddenken, dominante rechterhersenhelft) of de verbale leerstijl (het taaldenken, dominante linkerhersenhelft). Ook heeft dit onderzoek aangetoond dat het bepalen van deze voorkeur voor meer dan 40% erfelijk is ¹. Zie de afbeelding om te zien hoe het werkt in het brein van de beelddenker.


De ontdekking van de ouder

De ouders mogen bij elke begeleidingssessie plaatsnemen, omdat ik het belangrijk vind dat ze begrijpen wat ik doe en dat ze ook hun kind beter kunnen begeleiden thuis. Ik zie de ouders mee-ontwikkelen met hun kind. De technieken die ik de kinderen aanleer zijn ook bruikbaar voor de ouders.

De verrassing op het gezicht bij de ontdekking dat ze een beelddenker zijn, is vaak gemengd met herkenning en opluchting. Als je weet dat je denkt als een beelddenker, kun je beter leren omgaan met situaties waar je tegenaan loopt. Er is een verschil in communicatie tussen taal- en beelddenkers. Beelddenkers zijn creatieve denkers die snel en associatief denken. De taaldenkers kunnen dit vaak niet volgen. Wat de beelddenker wel nodig heeft is een context. ‘Waar kan ik de informatie plaatsen en mee associëren.’ Door hier rekening mee te houden kan de beelddenker zijn talenten veel beter inzetten. Dit werkt voor de beeldenkende kinderen ook zo. Gelukkig kunnen ze nu hun talent al veel eerder leren gebruiken. De ouders die inzien dat zij ook beelddenker zijn en voor zichzelf nu veel meer duidelijkheid hebben, snappen de problemen waar hun kind tegen aan loopt ook veel beter.


Herken jij ze?

- Gebrek aan overzicht als de context niet gemeld wordt

- woorden fonetisch opschrijven

- de spellingsregels niet onder knie krijgen

- niet uit de woorden kunnen komen, verhalen woorden warrig verteld

- zich niet kunnen concentreren

- wil je een volledige lijst, kijk dan op: de beelddenker test


En nu?

Gelukkig kunnen we daar nu veel eerder bij zijn en hoeven de kinderen niet te struikelen over hun woorden of te worstelen met hun dictee. We kunnen aan de kinderen laten zien dat ze juist een heel sterk talent hebben. Snel kunnen denken, creatief zijn en veel fantasie hebben. Er zijn inmiddels technieken ontwikkeld om de kinderen hun talent te laten gebruiken bij het uitvoeren van de schooltaken! Dit helpt de kinderen in het uitvoeren van hun taken, maar ook in hun motivatie en hun zelfvertrouwen.


Want hoe is het voor het beelddenkende kind?

Als je je stinkende best doet en het lukt maar niet om sneller te lezen of je krijgt elke keer weer een rode streep door je dictee…. daar word je vanzelf verdrietig van. Heb je zo goed geoefend op de plaatsen van TOPO, wisselen ze de cijfers om! En die sommen met rekenen, hoe doen die andere kinderen dat?....Heeft het dan wel zin om zo hard te werken…oh nee daar komt weer een overhoring…..iedereen heeft al AVI M5 en ik zit nog in E3, ik ben te dom… 

Ik zou wel heel hard NEE, JE BENT NIET TE DOM willen schreeuwen naar die kinderen. Je hebt een super talent! Het enige voor jou is dat je het nog moet leren gebruiken in de klas. Je zult leerstof kunnen inhalen! Je zult woorden achterstevoren kunnen spellen, niet omdat het moet maar gewoon omdat het kan! Je zult sneller je huiswerk af hebben en nog beter hebben begrepen dan je ooit had kunnen wensen! Je zult het leuk vinden om een spreekbeurt te mogen geven! Je zult een opgeruimd hoofd hebben waardoor je veel meer ruimte overhoud voor je hobby. Je leert afkijken in je hoofd. En het belangrijkste, je zit lekker in je vel! 


Kind en ouder samen

Voor de ouder is het vaak een eye-opener om zijn/haar eigen talent te ontdekken. Voor het kind is het fijn om te zien dat hij/zij niet alleen staat. De ouder en het kind kunnen nu samen ontdekken waar ze goed in zijn. Waar bepaalde reacties, hobby's of juist aversies vandaan komen. Een leuke zoektocht die de onderlinge band verstevigd en dat zal helpen om het gevoel van het kind er niet bij te horen, anders te zijn te laten afnemen.  Dus onderneem, geniet en praat met elkaar over deze mooie eigenschap! 


1)Bron: Rise and decline of verbal and visuospatial memory

Auteurs: J. M. J. Murre, S.M.J. Janssen, R. Rouw, M. Meeter
Universiteit van Amsterdam, Roeterstraat 15, 1018WB Amsterdam
In: American Psychological Association 5th edition 2010